ECLI:NL:RBDHA:2015:4299
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen aanslag inkomstenbelasting 2009 met gedeeltelijke aftrek eigen woning
Eiser heeft in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 kosten voor de eigen woning, specifieke zorgkosten en scholingsuitgaven in aftrek gebracht. Verweerder heeft deze aftrekposten niet geaccepteerd en een verzuimboete opgelegd. Na overlegde stukken in de beroepsfase is niet langer in geschil dat een deel van de kosten met betrekking tot de eigen woning aftrekbaar is.
De rechtbank oordeelt dat eiser niet aan de bewijslast heeft voldaan voor de specifieke zorgkosten, omdat niet is aangetoond dat de kosten daadwerkelijk zijn voldaan of op hem drukken en de medische noodzaak ontbreekt. Ook voor de scholingsuitgaven is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eiser redelijkerwijs mocht verwachten dat hij met de gevolgde opleiding een beroep zou kunnen uitoefenen.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat eerdere acceptatie van aftrekposten geen recht geeft op acceptatie in latere jaren. De boete wordt terecht opgelegd vanwege het niet tijdig doen van aangifte. De rechtbank vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van €40.995 en wijst het beroep tegen de boete af. Proceskosten worden niet toegewezen omdat de gegrondverklaring niet voortvloeit uit een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor een deel van de aftrek eigen woning, de boete wordt gehandhaafd en de aanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van €40.995.