Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
Nigeria Protection Considerations Noordoost/Nigeriaen artikelen van BBC en Reliefweb. Eiseres beroept zich in de aanvullende beroepsgronden op het nieuwe beleid van verweerder inzake de integrale toetsing van de geloofwaardigheid van asielrelazen.
met name in centraal en noord-Nigeria al lange tijd spanningen tussen moslims en christenen bestaan. Er was in de verslagperiode van het ambtsbericht sprake van een trek van christenen uit het overwegend islamitische noorden naar het zuiden en naar omringende landen als Niger en Tsjaad uit angst voor de toenemende gewelddadigheden. In diverse steden kwam het tot ernstige gewelddadigheden, waarbij honderden doden en gewonden vielen en huizen, scholen, kerken en moskeeën in vlammen opgingen. Onder de bevolking in getroffen gebieden leeft veelal de angst voor nog meer aanslagen en vergeldingsacties”. Dit beeld wordt bevestigd door de door eiseres overgelegde rapportages en artikelen van recentere datum over aanslagen gepleegd door Boko Haram. De rechtbank overweegt dat hieruit is af te leiden dat eiseres als belijdend christen wel degelijk in de negatieve, individuele belangstelling van Boko Haram staat, te meer daar zij dochter is van een pastor, wat een verhoogd risicoprofiel met zich meebrengt. De rechtbank wijst er verder op dat ingevolge artikel 3.35, tweede lid, van het Voorschrift Vreemdelingen 2000 (VV 2000) het feit dat eiseres in het verleden reeds is blootgesteld aan vervolging dan wel aan ernstige schade, een duidelijke aanwijzing is dat de vrees van eiseres voor vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag gegrond is en het risico om te worden onderworpen aan ernstige schade reëel is, tenzij er goede redenen zijn om aan te nemen dat die vervolging of ernstige schade zich niet opnieuw zullen voordoen. Verweerder heeft dit ten onrechte niet bij zijn beoordeling betrokken. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich in strijd met artikel 3:46 van Pro de Awb onvoldoende gemotiveerd op het standpunt gesteld dat eiseres niet in de negatieve belangstelling van Boko Haram zou staan.
Guidelines on International Protection,punten 25 en 26, waarin onder meer gesteld wordt:
‘The personal circumstances of an individual should always be given due weight in assessing whether it would be unduly harsh and therefore unreasonable for the person to relocate in the proposed area.’ Daarnaast wordt gesteld:
‘Psychological trauma arising out of past persecution may be relevant in determining whether it is reasonable to expect the claimant to relocate in the proposed area.’Naar het oordeel van de rechtbank vloeit ook uit het bepaalde in artikel 3.37d, tweede lid, van het VV 2000 voort dat verweerder moet onderzoeken of de algemene omstandigheden en de persoonlijke omstandigheden zodanig zijn dat verblijf in het beoogde vlucht- of vestigingsalternatief van de vreemdeling gevergd kan worden. De rechtbank overweegt dienaangaande dat verweerder zich niet op het standpunt kan stellen dat eiseres terug kan vallen op de bescherming van haar ouders en broer, nu verweerder zelf beaamt dat hun lot ongewis is en verweerder onvoldoende deugdelijk gemotiveerd heeft dat het overlijden van de vader en de broer van eiseres niet geloofwaardig is. Eiseres kan evenmin terugvallen op familie die nog woonachtig is in het zuiden, want zij hangen het
Arosegeloof aan en zijn voorstander van besnijdenis. Eiseres kan evenmin ondersteuning vragen aan de gemeenschap van de [naam kerk] waartoe zij behoorde, aangezien deze in het noorden gevestigd is en daar de overval door Boko Haram heeft plaatsgevonden. Verder overweegt de rechtbank dat het BMA-advies van 7 juli 2014 uitgaat van de diagnose PTSS bij eiseres en dat het uitblijven van behandeling een reële kans op toename van klachten betekent. In het BMA-advies kon bij de beoordeling bovendien nog niet worden betrokken dat eiseres de zorg draagt voor een jong kindje, geboren in augustus 2014, dat met ernstige gezondheidsproblemen te maken heeft.