ECLI:NL:RBDHA:2015:8439
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag Afghaanse vrouw als alleenstaande
De Afghaanse vrouw diende een herhaalde asielaanvraag in met het beroep dat zij onder het beleid voor alleenstaande verwesterde vrouwen valt, omdat haar echtgenoot eind 2014 met onbekende bestemming vertrok en nu in Duitsland verblijft. De vrouw stelde dat zij feitelijk gescheiden is en geen contact meer heeft met haar echtgenoot.
De rechtbank oordeelde dat drie maanden geen contact en de intentie tot echtscheiding onvoldoende zijn om haar als alleenstaande aan te merken. Zij verbleef jarenlang met haar echtgenoot op hetzelfde adres en er zijn geen concrete stappen naar echtscheiding ondernomen. De situatie was niet vergelijkbaar met jurisprudentie van het EHRM waarin een echte en oprechte intentie tot scheiding was aangetoond.
Verder was het eerdere afwijzende besluit onherroepelijk en waren er geen nieuwe feiten of omstandigheden die een hernieuwde toetsing rechtvaardigen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening af omdat verzoekster onvoldoende heeft aangetoond dat zij als alleenstaande vrouw kan worden aangemerkt.