ECLI:NL:RBDHA:2016:10754
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op afdrachtvermindering onderwijs voor beroepspraktijkvorming bij inleners
Eiseres, een uitzendbureau binnen het [bedrijf 5]-concern, heeft in haar loonaangiften afdrachtvermindering onderwijs toegepast voor werknemers die opleidingen volgden bij ROC [vestigingsplaats 2] en [bedrijf 6]. Verweerder legde naheffingsaanslagen, verzuimboetes en heffingsrente op omdat de beroepspraktijkvorming niet voldeed aan de wettelijke voorwaarden.
De rechtbank stelt vast dat verweerder bevoegd was om de afdrachtvermindering te toetsen en zich daarbij mocht baseren op rapporten van de onderwijsinspectie die concludeerden dat de opleidingen niet aan de Wet educatie en beroepsonderwijs voldeden. Eiseres slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de beroepspraktijkvorming daadwerkelijk bij de inleners plaatsvond, mede door het ontbreken van bewijsstukken over praktijkopdrachten en begeleiding.
De rechtbank oordeelt dat de verzuimboetes terecht zijn opgelegd, maar matigt deze met 10% wegens overschrijding van de redelijke termijn. De heffingsrente wordt geheel vernietigd omdat verweerder onredelijk lang heeft gewacht met het geven van duidelijkheid. De beroepen tegen de heffingsrentebeschikkingen worden gegrond verklaard, de overige beroepen ongegrond.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten aan eiseres en tot terugbetaling van het betaalde griffierecht. De uitspraak vervangt de vernietigde besluiten en kan binnen zes weken worden aangevochten bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De naheffingsaanslagen en verzuimboetes worden gehandhaafd met matiging van de boetes, de heffingsrente wordt vernietigd wegens onredelijke termijnoverschrijding.