ECLI:NL:RBDHA:2016:10977
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijf als familie- of gezinslid wegens onjuiste beleids- en belangenafweging
Eiser, een man van Burundese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning als familie- of gezinslid bij zijn partner, met wie hij een kind heeft. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat eiser niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf en betwistte het beschermenswaardige gezinsleven op grond van artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris onjuist beleid toepaste door niet uit te gaan van het bestaan van familie- of gezinsleven tussen eiser en zijn uit de relatie geboren zoon, zoals vereist volgens de Vreemdelingencirculaire 2000 en jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Tevens werd onvoldoende rekening gehouden met de positie van het andere kind van de partner.
Verder werd de hoorplicht geschonden doordat verweerder ten onrechte aannam dat het kind was geadopteerd en onvoldoende op het bezwaar van eiser is ingegaan. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt op binnen tien weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen tien weken een nieuw besluit te nemen.