Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.Het incident tot tussenkomst c.q. voeging
3.De feiten
(...)
Daarnaast dient iedere Cliënt te kunnen kiezen voor een persoonsgebonden budget als gelijkwaardig alternatief, mits aan de gestelde toekenningskaders wordt voldaan.”
4.Het geschil
5.De beoordeling van het geschil
toerekenbaretekortkoming, zodat (ook) in dit opzicht geen relatie met de regeling in het BW wordt gelegd.
water van de inschrijvers wordt verlangd. Dat de manier waarop de professionals daaraan invulling gaan geven aan hen zelf is overgelaten, maakt de subgunningscriteria niet onrechtmatig. De aard van de opdracht – jeugdzorg – leent zich ook niet voor een puur cijfermatige insteek.