ECLI:NL:RBDHA:2016:12157
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over afschrijving en naheffingsaanslag BPM kampeerauto
Eiser kocht in België een kampeerauto en deed in Nederland BPM-aangifte waarbij hij de afschrijving baseerde op een bestelauto, wat leidde tot een lagere BPM. Verweerder legde een naheffingsaanslag op met een hogere afschrijving van 62,75% op basis van een forfaitaire tabel.
Eiser stelde dat het Europeesrechtelijke verdedigingsbeginsel was geschonden en dat de naheffingsaanslag discriminerend zou zijn volgens artikel 110 VwEU Pro. De rechtbank oordeelde dat het verdedigingsbeginsel niet was geschonden omdat het besluit niet anders zou zijn geweest bij voorafgaand horen. Ook faalde het beroep op artikel 110 VwEU Pro omdat geen hogere belasting werd geheven dan op gelijksoortige binnenlandse kampeerauto’s.
De rechtbank volgde verweerder dat de afschrijving niet op een bestelauto kan worden gebaseerd omdat kampeerauto’s doorgaans minder kilometers rijden en daardoor minder snel afschrijven. De rechtbank stelde ambtshalve de afschrijving vast op 62,75% en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag BPM met een afschrijving van 62,75%.