ECLI:NL:RBDHA:2016:13198
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Schorsing executie vonnis schadevergoeding wegens onrechtmatige ontruiming winkelruimte
In deze zaak vordert B.V. Beleggingsmaatschappij Stadscentrum Zoetermeer (SCZ) schorsing van de executie van een vonnis waarbij zij veroordeeld is tot betaling van €148.698,- aan de voormalige huurder wegens onrechtmatige ontruiming van winkelruimte. De huurovereenkomst liep tot 1 oktober 2008, maar de ontruiming vond voortijdig plaats in 2008 op grond van een voorlopige voorziening die later door het Hof werd vernietigd.
De kantonrechter stelde dat de huurovereenkomst pas op 26 oktober 2011 was geëindigd, waardoor de schadevergoeding werd vastgesteld over de periode 15 mei 2008 tot 26 oktober 2011. SCZ stelt dat dit oordeel juridisch onjuist is omdat het Hof het vonnis van 14 februari 2008 heeft bekrachtigd en daarmee de einddatum van 1 oktober 2008 vaststaat.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de tenuitvoerlegging van het vonnis van 24 augustus 2016 misbruik van executiebevoegdheid oplevert, omdat het hoger beroep van SCZ reële kans van slagen heeft. Daarom wordt de executie geschorst totdat het Hof op de incidentele vordering beslist, onder de voorwaarde dat SCZ een bankgarantie verstrekt. Tevens wordt een dwangsom opgelegd voor het staken van de executie en wordt [gedaagde] veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De executie van het vonnis tot betaling van €148.698,- wordt geschorst onder voorwaarde van het stellen van een bankgarantie en met oplegging van een dwangsom.