Uitspraak
Alimentatie
Beschikking op het op 1 april 2016 ingekomen verzoek van:
[de vrouw] ,
[de man] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift tevens (voorwaardelijk) verzoekschrift;
Verzoek en verweer
- voorwaardelijk, indien de rechtbank een beslissing geeft in de hoofdzaak: de vrouw te veroordelen om binnen twee weken na deze beschikking de man een bedrag van € 2.996,00 te betalen bij gebreke waarvan binnen de gestelde termijn, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover tot aan de dag van voldoening;
- meer voorwaardelijk, in het geval de alimentatieverplichting van de man voortduurt: de door partijen op 17 juli 2009 ondertekende overeenkomst, voor zover daarbij is bepaald dat de man vanaf 1 januari 2010 ten behoeve van het levensonderhoud van de vrouw een bedrag zal betalen van € 3.100,00 per maand, zulks ongeïndexeerd, tot 1 september 2019, te ontbinden, dan wel het door de man te betalen bedrag te bepalen op enig ander bedrag, lager dan € 3.100,00 per maand en voor een kortere periode dan tot 1 september 2019,
Feiten
- Partijen hebben gedurende 21 jaar een affectieve relatie gehad. Bij notariële akte van 18 december 2000 hebben zij een samenlevingscontract gesloten.
- Partijen zijn ouders van drie kinderen, waarvan er twee thans nog minderjarig zijn.
- De relatie van partijen is begin 2009 geëindigd. Zij woonden laatstelijk samen in de woning aan de [adres] die (geheel) in eigendom toebehoort aan de man.