ECLI:NL:RBDHA:2016:16229
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verlenging visrechtovereenkomst tot pensioengerechtigde leeftijd niet onbillijk of discriminerend
Eiser had een huurovereenkomst van visrecht die afliep op 31 december 2015 en verzocht om verlenging. Verweerder kende een verlenging toe voor één jaar, omdat eiser op 29 januari 2016 de pensioengerechtigde leeftijd bereikte. Eiser was het hier niet mee eens en stelde beroep in tegen het besluit dat zijn bezwaar ongegrond verklaarde.
De rechtbank stelde vast dat het beleid van verweerder om de verlenging te beperken aan het leeftijdscriterium gebaseerd is op artikel 33 van Pro de Visserijwet 1963 en de Memorie van Toelichting, die het doelmatig gebruik van viswater wil waarborgen door overdracht van visrechten zodra iemand niet langer afhankelijk is van de beroepsvisserij. De rechtbank vond dat verweerder naar billijkheid heeft beslist door een verlenging van één jaar toe te kennen, ondanks dat eiser financieel nog afhankelijk is van de visserij.
Eiser voerde aan dat het leeftijdscriterium discriminerend is en in strijd met diverse grondrechten en internationale verdragen. De rechtbank verwierp dit, omdat het criterium een objectieve rechtvaardigingsgrond vormt en eiser ook andere inkomsten heeft. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot beperkte verlenging van de visrechtovereenkomst tot één jaar is ongegrond verklaard.