ECLI:NL:RBDHA:2016:16607
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Weigering 24-uursopvang Programma Vreemdelingen aan ernstig getraumatiseerde vrouw uit Liberia
De vrouw, afkomstig uit Liberia en slachtoffer van mensenhandel, verzocht om toegang tot de 24-uursopvang van het Programma Vreemdelingen nadat haar verblijfsvergunning en bijstandsuitkering waren beëindigd. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam weigerde dit, omdat zij niet voldeed aan de criteria van medische problematiek en juridisch perspectief.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het Programma Vreemdelingen buitenwettelijk begunstigend beleid betreft, zonder specifieke wettelijke grondslag voor het verstrekken van voorzieningen aan niet-rechtmatig verblijvende vreemdelingen. Het college baseerde zijn besluit op een advies van de Veldtafel, waarin GGD en maatschappelijke organisaties betrokken zijn, en concludeerde dat de vrouw niet voldeed aan de criteria.
De vrouw voerde aan dat de GGD niet onpartijdig was en verwees naar het arrest Korošec van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, maar de voorzieningenrechter verwierp dit omdat het beleid niet op een wettelijke regeling is gebaseerd en de GGD-arts geen concrete aanwijzingen voor partijdigheid gaf.
De voorzieningenrechter wees het beroep ongegrond en zag geen aanleiding voor een voorlopige voorziening. Er werd geen financiële ondersteuning of 24-uursopvang toegekend. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van 24-uursopvang en financiële ondersteuning wordt ongegrond verklaard.