In deze civiele procedure vordert Imation Europe B.V. restitutie van teveel betaalde thuiskopieheffing over de jaren 2003 tot en met 2013. Imation stelt de Staat aansprakelijk wegens onrechtmatige daad en spreekt Stichting de Thuiskopie aan op grond van ongerechtvaardigde verrijking of onverschuldigde betaling. De Staat en Stichting de Thuiskopie betwisten het vorderingsrecht van Imation en verwijzen naar het Copydan-arrest van het HvJEU, waarin is geoordeeld dat alleen de eindverwerver van de drager recht heeft op restitutie, niet de betalingsplichtige die de heffing kan afwentelen.
Imation betwist deze uitleg en stelt dat het Copydan-arrest geen algemene rechtsregel bevat die het restitutierecht beperkt tot de eindverwerver. Ook wijst zij op het verschil tussen het Deense stelsel dat aan de orde was in Copydan en het Nederlandse stelsel, waarin eindverwervers geen restitutie kunnen vragen van teveel betaalde ongedifferentieerde thuiskopieheffing. De rechtbank erkent het belang van deze rechtsvraag, die ook in andere procedures speelt, en overweegt daarom een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad te stellen.
De rechtbank stelt voorlopige formuleringen van de prejudiciële vragen voor en geeft partijen gelegenheid om zich hierover uit te laten. Tevens wordt de behandeling van verweren van verjaring, passing on, en het ontbreken van aansprakelijkheid of schade aangehouden. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor nadere conclusies van partijen, waarna verdere beslissing volgt.