ECLI:NL:RBDHA:2016:5921
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.W. Ente
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag minderjarige uit Afghanistan wegens onvoldoende geloofwaardige gronden en leeftijd boven 15 jaar
Eiser, een minderjarige met de Afghaanse nationaliteit, diende een asielaanvraag in wegens mishandeling door zijn vader en vrees voor toekomstig misbruik. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat alleen het mishandelen door de vader geloofwaardig werd geacht, maar andere elementen niet. Eiser kwam niet in aanmerking voor een vergunning op grond van het beleid voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv) omdat hij ouder was dan 15 jaar.
Tijdens de zitting werd bevestigd dat eiser door zijn vader werd mishandeld en bedreigd, maar zijn verklaringen over seksueel misbruik en gokgerelateerde bedreigingen werden als onvoldoende geloofwaardig beoordeeld. De rechtbank overwoog dat eiser zijn aanvullende verklaringen te laat had ingebracht en dat er geen sprake was van een risicogroep in Afghanistan die hem bescherming zou bieden.
De rechtbank stelde vast dat het nieuwe recht onterecht was toegepast, maar dat dit geen nadeel voor eiser opleverde. Ook werd overwogen dat de opvangproblematiek in Afghanistan geen rol speelt bij de beoordeling van de asielaanvraag, maar alleen bij de terugkeerprocedure. Het beroep werd ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de vergunning wordt niet verleend.