ECLI:NL:RBDHA:2016:6854
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontoelaatbare aanvulling motivering gunningsbeslissing bij Europese aanbesteding bedrijfsdeuren
Het Rijksvastgoedbedrijf organiseerde een Europese openbare aanbesteding voor inspectie en onderhoud van bedrijfsdeuren, verdeeld over vier percelen. Multi-Deur diende tijdig inschrijvingen in voor percelen 2 en 4 en werd aanvankelijk als economisch meest voordelige inschrijver aangemerkt. Na controle van de bewijsstukken verklaarde het Rijksvastgoedbedrijf de inschrijving van Multi-Deur ongeldig vanwege een te laat ondertekende tevredenheidsverklaring, en gunde de percelen aan Matex en een andere vennootschap.
Multi-Deur startte een kort geding tegen deze beslissing en betoogde dat de eis dat de tevredenheidsverklaring vóór de inschrijving moest zijn ondertekend niet uit de aanbestedingsstukken bleek. Voorts stelde zij dat de nieuwe afwijzingsgrond die het Rijksvastgoedbedrijf later aanvoerde niet mocht worden gehanteerd, gelet op vaste jurisprudentie van de Hoge Raad.
De rechtbank oordeelde dat het Rijksvastgoedbedrijf onrechtmatig had gehandeld door een nieuwe afwijzingsgrond te introduceren na de gunningsbeslissing, wat niet was toegestaan zonder bijzondere omstandigheden. De eerdere afwijzingsgrond was onvoldoende onderbouwd en de eis dat de tevredenheidsverklaring vóór de inschrijving moest zijn ondertekend, was onjuist. De rechtbank veroordeelde het Rijksvastgoedbedrijf tot intrekking van de gunningsbeslissing aan de andere inschrijvers en beval de gunning aan Multi-Deur. De vorderingen van de andere inschrijvers werden afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank beveelt het Rijksvastgoedbedrijf de percelen 2 en 4 te gunnen aan Multi-Deur en trekt de eerdere gunningsbeslissingen aan andere inschrijvers in.