ECLI:NL:RBDHA:2016:7828
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag accijns wegens voorhanden hebben onveraccijnsde sigaretten
Eiser werd door de Douane een naheffingsaanslag opgelegd van €2.194.098, bestaande uit tabaksaccijns en omzetbelasting, wegens het voorhanden hebben van onveraccijnsde sigaretten in loodsen die geen accijnsgoederenplaatsen zijn. Na bezwaar werd de naheffingsaanslag verminderd tot €1.757.194. Eiser stelde beroep in tegen deze naheffing.
De rechtbank oordeelt dat eiser betrokken was bij het overladen en uitladen van grote partijen onveraccijnsde sigaretten in twee loodsen. Dit blijkt uit verklaringen en een eerder strafvonnis waarin eiser werd veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk overtreden van het accijnsverbod. De feitelijke beschikkingsmacht of kennis van het onveraccijnsde karakter van de sigaretten is sinds de wetswijziging van 2010 niet meer relevant.
De rechtbank concludeert dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd en verklaart het beroep ongegrond. De rentebeschikking wordt eveneens bevestigd. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de naheffingsaanslag accijns van ruim €1,7 miljoen wegens het voorhanden hebben van onveraccijnsde sigaretten.