ECLI:NL:RBDHA:2016:9498
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Afghaanse Sjiitische Tadzjiek wegens ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende bescherming
Eiser, een Afghaanse Sjiitische Tadzjiek, diende een derde asielaanvraag in na eerdere afwijzingen en uitzetting naar Afghanistan. Hij stelde dat hij bedreigd werd door familieleden en vreest voor zijn veiligheid vanwege zijn etnisch-religieuze achtergrond en de slechte leefomstandigheden in Afghanistan.
De rechtbank oordeelde dat het asielrelaas van eiser ongeloofwaardig en tegenstrijdig was, mede vanwege het ontbreken van bewijs voor de bedreigingen en inconsistenties in zijn verklaringen. Daarnaast werd vastgesteld dat Sjiitische Tadzjieken niet als kwetsbare minderheid worden aangemerkt en dat de algemene situatie in Afghanistan geen uitzonderlijke situatie vormt die asielrechtelijke bescherming rechtvaardigt.
Verweerder had de aanvraag terecht afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van de Vreemdelingenwet. Ook de ambtshalve toetsing aan artikel 8 EVRM Pro leidde niet tot een andere uitkomst. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.