ECLI:NL:RBDHA:2017:10410
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Roma-gezin uit Bosnië-Herzegovina als kennelijk ongegrond
Een Roma-gezin uit Bosnië-Herzegovina heeft asiel aangevraagd in Nederland wegens bedreigingen, afpersingen en mishandelingen door een criminele organisatie, met name na de moord op hun dochter. De staatssecretaris wees de aanvragen af als kennelijk ongegrond en legde een inreisverbod van twee jaar op.
De rechtbank oordeelde dat Bosnië-Herzegovina als veilig land van herkomst geldt en dat het gezin onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij persoonlijk gevaar lopen of dat de autoriteiten hen onvoldoende bescherming bieden. De verklaringen over de moord en bedreigingen werden als onvoldoende onderbouwd en deels tegenstrijdig beoordeeld.
Ook werd geoordeeld dat het gezin onvoldoende bewijs had geleverd voor de stelselmatige bedreigingen en dat de angst voor politieoptreden niet voldoende werd onderbouwd. De rechtbank wees het beroep af en bevestigde het opleggen van het inreisverbod. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvragen en het opleggen van een inreisverbod.