ECLI:NL:RBDHA:2017:10564
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. van Rij
- M.A. Dirks
- M.C.J.A. Huijgens
- Rechtspraak.nl
Overgangsregeling bijtelling privégebruik auto niet in strijd met gelijkheidsbeginsel en eigendomsrecht
Eiser, werkzaam bij een werkgever die hem een auto van de zaak ter beschikking stelde, betwistte de toepassing van een forfaitaire bijtelling van 25% voor privégebruik van een auto met eerste toelating vóór 2017. Eiser stelde dat deze regeling ongelijke behandeling inhoudt ten opzichte van auto's met een eerste toelating na 31 december 2016, waarvoor een lager bijtellingspercentage van 22% geldt, en dat dit in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en het eigendomsrecht.
De rechtbank overwoog dat het gelijkheidsbeginsel niet elke ongelijke behandeling verbiedt, maar alleen die zonder objectieve en redelijke rechtvaardiging. De wetgever heeft een ruime beoordelingsvrijheid, zeker op fiscaal terrein. De keuze om het lagere bijtellingspercentage alleen toe te passen op nieuwere auto's is niet discriminerend en is mede ingegeven door technische ontwikkelingen zoals brandstofverbruik.
De overgangsregeling voorkomt onwenselijke effecten en biedt duidelijkheid voor belastingplichtigen die vlak voor de wetswijziging een leasecontract afsloten. De rechtbank concludeerde dat de regeling een redelijke grond heeft en geen disproportionele last oplegt.
Ook het beroep op het eigendomsrecht faalde omdat de regeling een wettelijke basis heeft, voldoende toegankelijk en voorzienbaar is, en een fair balance waarborgt tussen algemeen belang en individuele rechten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot het stellen van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de toepassing van de overgangsregeling bij de bijtelling privégebruik auto.