ECLI:NL:RBDHA:2017:10649
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde woningen en vermindering aanslagen onroerendezaakbelasting
Eiseres maakte bezwaar tegen de door verweerder vastgestelde WOZ-waarden van meerdere woningen en de daarop gebaseerde aanslagen onroerendezaakbelasting voor 2016. Verweerder had de waarden vastgesteld op €173.000 per woning op basis van referentieobjecten. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende had onderbouwd waarom zijn referenties beter vergelijkbaar waren dan die van eiseres.
Eiseres stelde dat haar aangedragen referentieobjecten, die qua kwaliteit beter vergelijkbaar waren en rond de waardepeildatum waren verkocht, een lagere waarde van €160.000 rechtvaardigden. De rechtbank vond dat noch verweerder noch eiseres hun voorgestelde waarden aannemelijk hadden gemaakt.
Daarom stelde de rechtbank de waarden in goede justitie vast op €167.000 per woning. Gezien deze lagere waarde waren ook de aanslagen onroerendezaakbelasting te hoog vastgesteld en werden deze verminderd. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van eiseres en tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
De uitspraak werd mondeling gedaan op 17 mei 2017 door rechter R.C.H.M. Lips. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag, belastingkamer.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woningen wordt vastgesteld op €167.000 en de aanslagen onroerendezaakbelasting worden dienovereenkomstig verminderd.