ECLI:NL:RBDHA:2017:10840
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet tijdig ingediend bezwaarschrift gezinshereniging
Eiseres heeft namens haar referent een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van gezinshereniging. Deze aanvraag is door de Immigratie- en Naturalisatiedienst afgewezen. Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit, maar diende het bezwaarschrift te laat in. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de termijn.
De rechtbank oordeelt dat het primaire besluit op correcte wijze op 13 september 2016 is verzonden naar het juiste adres, waardoor de bezwaartermijn van vier weken op 14 september 2016 begon en eindigde op 11 oktober 2016. Het bezwaarschrift werd pas op 14 oktober 2016 ingediend, dus te laat. De rechtbank stelt vast dat eiseres onvoldoende feiten heeft gesteld om de ontvangst van het besluit te betwijfelen en dat de overschrijding niet verschoonbaar is, mede omdat de gemachtigde en de referent contact hadden voor het verstrijken van de termijn.
Eiseres heeft een beroep gedaan op een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak en op miscommunicatie, maar de rechtbank acht deze argumenten niet relevant of onvoldoende. Het bezwaar is terecht niet-ontvankelijk verklaard en de inhoudelijke beoordeling van de aanvraag blijft achterwege. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaarschrift niet tijdig is ingediend en de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is.