ECLI:NL:RBDHA:2017:13419
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige bekering tot christendom onvoldoende gemotiveerd
Eiseres, een vrouw van Iraanse nationaliteit, diende een asielaanvraag in na haar bekering tot het christendom, die verweerder ongeloofwaardig achtte. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende gemotiveerd had waarom hij de bekering en de daaraan verbonden elementen als ongeloofwaardig beschouwde.
De rechtbank analyseerde uitgebreid de verklaringen van eiseres over haar bekering, de inhoud van haar geloofsovertuiging, de bezoeken aan huiskerken in Iran, en de gevolgen daarvan, waaronder de negatieve aandacht van de Iraanse veiligheidsdienst. Verweerder had onvoldoende rekening gehouden met de diepgang en consistentie van de verklaringen van eiseres.
Ook werd het standpunt van verweerder dat eiseres niet voldoende concreet kon verklaren over haar geloof en bekering verworpen. De rechtbank stelde dat verweerder zijn standpunt onvoldoende had onderbouwd en dat eiseres overtuigend had toegelicht waarom zij zich tot het christendom had bekeerd.
Verder oordeelde de rechtbank dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom hij het bezoek aan huiskerken en de gevolgen daarvan ongeloofwaardig achtte. Gezien de repressieve context in Iran achtte de rechtbank het aannemelijk dat eiseres in negatieve aandacht van de autoriteiten was gekomen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en gaf verweerder de opdracht binnen twaalf weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering van de ongeloofwaardigheid van de bekering.