ECLI:NL:RBDHA:2017:13493
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid doodsbedreiging en onvoldoende bewijs
Eiser, een Iraakse ambtenaar van de veiligheidsdienst, vroeg asiel aan vanwege een vermeende doodsbedreiging via een kogelbrief. Verweerder wees de aanvraag af omdat de verklaringen over de bedreiging niet geloofwaardig waren, hoewel nationaliteit en identiteit werden erkend.
In beroep voerde eiser aan dat hij vreest voor problemen met de Iraakse autoriteiten vanwege zijn ongeoorloofd vertrek. Hij onderbouwde dit met ambtsberichten, werkpassen, een cursuscertificaat en jurisprudentie. De rechtbank oordeelde echter dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij daadwerkelijk bedreigd is, mede doordat hij geen concrete afzender kon aanwijzen en tegenstrijdige verklaringen gaf over zijn overplaatsing.
De rechtbank verwierp ook de stelling dat hij gevaar loopt vanwege zijn ongeoorloofd vertrek, omdat hij probleemloos met paspoort Irak heeft verlaten en geen bewijs leverde van problemen in Irak. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardigheid en onvoldoende bewijs van bedreiging.