ECLI:NL:RBDHA:2017:13508
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag Palestijnse vluchteling uit Libanon wegens ontbreken nieuwe elementen
Eiser, een Palestijnse vluchteling uit Libanon, diende op 1 mei 2017 zijn vierde asielaanvraag in. Hij stelde dat terugkeer naar Libanon niet mogelijk was vanwege vervolging door fundamentalistische groeperingen en Hezbollah, en de onveilige situatie aldaar. Verweerder verklaarde de aanvraag niet-ontvankelijk omdat er geen nieuwe elementen of bevindingen waren die de aanvraag konden ondersteunen.
Eiser voerde in beroep aan dat hij ten onrechte geen contra-expertise mocht laten uitvoeren en dat het besluit onzorgvuldig tot stand was gekomen. Ook stelde hij dat de UNWRA onvoldoende bescherming biedt aan Palestijnen in Libanon. De rechtbank oordeelde dat de overgelegde documenten geen nieuwe elementen vormden, mede omdat deze eerder hadden kunnen worden ingediend en niet authentiek waren vastgesteld.
Verder werd geoordeeld dat het ontbreken van informatie over een contra-expertise niet tot gegrondverklaring leidt, aangezien eiser niet aannemelijk maakte dat hij daadwerkelijk een contra-expertise wilde starten. De medische situatie van eiser en het inreisverbod werden eveneens niet als nieuwe gronden erkend. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de vierde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.