Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 november 2017 in de zaak tussen
[eiseres], te [plaats], eiseres
de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- verloskundige,
- (…).
Rechtbank Den Haag
Eiseres kreeg een boete van €2.680 opgelegd door verweerder wegens het voeren van de titel verloskundige terwijl zij niet meer in het BIG-register stond ingeschreven. Dit betrof een periode in 2015 waarin eiseres zich onbedoeld als verloskundige presenteerde tijdens een televisie-uitzending en onjuiste vermeldingen had op haar website en in het handelsregister.
Eiseres voerde aan dat zij sinds 2007 niet meer als verloskundige werkzaam was vanwege arbeidsongeschiktheid en dat de overtreding onbedoeld en niet verwijtbaar was. De rechtbank oordeelde dat hoewel sprake was van overtreding, de boete niet proportioneel was gezien de omstandigheden, waaronder het ontbreken van verwijtbaarheid en het feit dat de overtredingen snel werden gecorrigeerd.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, herroept het primaire besluit en stelde de boete op nihil. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. De uitspraak benadrukt het belang van een evenredige sanctie bij het opleggen van bestuurlijke boetes en de toetsing daarvan door de rechter.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de boete wegens onterecht voeren van de titel verloskundige en stelt deze op nihil.