ECLI:NL:RBDHA:2017:15666
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Ghrib
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens toepassing Dublinverordening Italië
Eiser diende op 18 juni 2017 een asielaanvraag in, die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling werd genomen omdat Italië als verantwoordelijke lidstaat werd aangewezen op grond van de Dublinverordening. De Italiaanse autoriteiten hadden ingestemd met de overdracht van eiser.
Eiser voerde aan dat het claimverzoek onvolledig was omdat zijn medische omstandigheden niet waren vermeld, verwijzend naar het arrest Ghezelbash. De rechtbank oordeelde dat de medische situatie niet relevant is voor de vaststelling van de verantwoordelijke lidstaat, maar wel kan leiden tot het aan zich trekken van de behandeling door Nederland op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening.
De rechtbank ging uit van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en concludeerde dat geen sprake was van een risico op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro bij overdracht aan Italië. Eiser had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij in Italië geen adequate zorg zou ontvangen. De werkwijze van de staatssecretaris om gezondheidsinformatie te delen met de Italiaanse autoriteiten werd als voldoende gewaarborgd beoordeeld.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.