ECLI:NL:RBDHA:2017:16271
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Sleeswijk Visser-de Boer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek op grond van onbetrouwbare herkomst en vestigingsalternatief Bagdad
Eiser, een Iraakse man geboren in 1978, diende een opvolgende aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Hij stelde afkomstig te zijn uit een stad in de provincie Salaheddin, Irak, en vreesde voor zijn veiligheid vanwege de verslechterde situatie. Verweerder wees de aanvraag af omdat uit een eerder rapport bleek dat eiser waarschijnlijk afkomstig is uit de provincie Diyala, een gebied met een uitzonderlijke situatie.
Eiser voerde aan dat hij niet uit Diyala komt, maar uit een nabijgelegen provincie en dat Bagdad als vestigingsalternatief onveilig is, mede vanwege zijn Soennitische achtergrond en medische situatie. De rechtbank oordeelde dat eiser geen nieuwe feiten had aangevoerd die zijn herkomst uit Diyala zouden ontkrachten en dat de vestiging in Bagdad niet langer werd tegengeworpen door verweerder.
Daarnaast was eiser van mening dat verweerder onzorgvuldig had gehandeld door geen nieuw medisch advies op te vragen, maar de rechtbank vond dat het bestaande BMA-advies voldoende was en dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat medische behandeling in Bagdad niet toegankelijk was.
De rechtbank concludeerde dat eiser niet als vluchteling kan worden aangemerkt en dat hij geen reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. Het beroep tegen het bestreden besluit werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.