ECLI:NL:RBDHA:2017:254
Rechtbank Den Haag
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vrijheid van meningsuiting prevaleert boven bescherming eer en goede naam in geschil vrouwenopvang
In deze zaak vordert Blijf Groep dat Femmes for Freedom (FFF) haar beschuldigingen en verwijzingen naar perspublicaties over vermeende misstanden in de opvanglocatie IJmond verwijdert en rectificaties plaatst. Blijf Groep baseert haar vordering op een extern onderzoek van bureau BING dat onvoldoende feitelijke onderbouwing voor de klachten vond.
FFF verdedigt zich door te stellen dat zij slechts de klachten van (ex-)cliënten en een klokkenluidster heeft verspreid en dat zij daarmee haar recht op vrije meningsuiting uitoefent. De voorzieningenrechter weegt het recht op eer en goede naam van Blijf Groep af tegen het recht op vrije meningsuiting van FFF.
De rechter oordeelt dat FFF niet onrechtmatig heeft gehandeld. Het recht op vrije meningsuiting van FFF prevaleert, mede omdat FFF zich baseert op meldingen van klokkenluiders en (ex-)cliënten, en het maatschappelijk belang van het aan de orde stellen van mogelijke misstanden in de vrouwenopvang. Het plaatsen van links naar artikelen van derden en het uiten van kritische reacties op onderzoeksrapporten is eveneens toegestaan.
Blijf Groep wordt veroordeeld in de proceskosten en de vorderingen worden afgewezen. De uitspraak benadrukt het belang van vrijheid van meningsuiting in het maatschappelijk debat, ook wanneer dit leidt tot kritiek op instellingen zoals vrouwenopvangorganisaties.
Uitkomst: De vorderingen van Blijf Groep worden afgewezen; FFF handelde niet onrechtmatig en haar recht op vrije meningsuiting prevaleert.