Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
www.curia.europa.eu). Verweerder had een individueel onderzoek naar het concrete geval moeten uitvoeren.
6.1 De voorzieningenrechter stelt voorop dat uit de uitspraak van de Afdeling van 7 oktober 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:3755) voortvloeit dat niet valt uit te sluiten dat, indien in rechte vaststaat dat partijen een schijnrelatie zijn aangegaan, nadien alsnog een relatie tussen hen kan ontstaan. Verzoekster dient haar stelling dat thans sprake is van een daadwerkelijke relatie echter wel aan te tonen. Omdat sprake is van een opvolgende aanvraag, moet verzoekster de relatie onderbouwen met nova.
.