Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 mei 2017 in de zaken tussen
het college van burgemeester en wethouders van Wassenaar, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- met de vergunning geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken (artikel 60.2.1);
- de vergunning geen onevenredige afbreuk mag doen aan de doeleinden van de gebiedsbestemming(en) waarop de aanvraag betrekking heeft, geen onevenredige aantasting mag veroorzaken van cultuurhistorische en ecologische waarden en niet mag leiden tot een onevenredige verspreiding van gecultiveerde elementen over het gebied (artikel 60.2.2 onder a);
- rekening dient te worden gehouden met de instandhouding c.q. het tot stand brengen van een, in stedenbouwkundig opzicht, samenhangend straat- en bebouwingsbeeld zoals omschreven in de toelichting van het bestemmingsplan (artikel 62.4.1);
- rekening dient te worden gehouden met de instandhouding van de aan de gronden eigen zijnde cultuurhistorische waarden (artikel 62.4.2);
- rekening dient te worden gehouden met de gebruiksmogelijkheden binnen andere bestemmingen, die door de vergunning niet mogen worden beperkt (artikel 62.4.8).
Het antennebeleid biedt door de daarin opgenomen hardheidsclausule ruimte voor vergunningverlening met toepassing van de binnenplanse afwijkingsmogelijkheid. Verweerder is daarbij, onder toepassing van de hardheidsclausule, bevoegd om gemotiveerd af te wijken van het negatieve advies van de Commissie WCE. Nu het bos drie ha groot is en mitsdien een meer dan gemiddelde omvang heeft, de antennemast door ter plaatse aanwezige omhoog groeiende bomen en bosschages grotendeels aan het zicht wordt onttrokken en de gevolgen voor flora en fauna blijkens de quick scan beperkt zijn, heeft verweerder in redelijkheid kunnen besluiten om in het belang van KPN en het publieke belang bij volledige dekking van het mobiele telefoonnetwerk toepassing te geven aan de hardheidsclausule.
De rechtbank volgt verweerder hierin. Deze beroepsgrond van eisers I slaagt derhalve niet.
Beslissing
- stelt verweerder in de gelegenheid om binnen acht weken na verzending van deze tussenuitspraak de geconstateerde gebreken te herstellen met inachtneming van de overwegingen en aanwijzingen in deze tussenuitspraak;
- houdt iedere verdere beslissing aan.