ECLI:NL:RBDHA:2017:5679
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning op grond van onvoldoende duurzame middelen
Eiseres, een Zuid-Koreaanse vrouw, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning als gezinslid bij haar Nederlandse echtgenoot (referent). De aanvraag werd afgewezen omdat verweerder oordeelde dat referent niet zelfstandig en duurzaam over voldoende middelen van bestaan beschikte. Verweerder baseerde zijn oordeel op een forfaitair rendement van 4% over het vermogen van referent, zonder rekening te houden met diens hoge banksaldo en goede arbeidsmarktperspectieven.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende concreet en evenwichtig heeft beoordeeld. Het vermogen van referent is relevant voor het risico op een beroep op sociale bijstand, en het is niet noodzakelijk dat het inkomen uit vermogen het normbedrag volledig dekt als het spaarsaldo substantieel is. Tevens heeft verweerder geen prospectieve beoordeling gemaakt zoals vereist volgens het Khachab-arrest van het Hof van Justitie.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met de situatie van referent, die per 1 maart 2017 een nieuw dienstverband aangaat. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten en de griffierechten van eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken.