ECLI:NL:RBDHA:2017:6102
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde parkeergarage op basis van gecorrigeerde vervangingswaarde en bedrijfswaarde
De zaak betreft een geschil over de WOZ-waarde van een commercieel geëxploiteerde parkeergarage te Zoetermeer met waardepeildatum 1 januari 2014 en kalenderjaar 2015. Eiseres betwist de vastgestelde waarde en stelt dat de waarde in het economisch verkeer lager is dan de door verweerder toegepaste gecorrigeerde vervangingswaarde minus een percentage voor economische en functionele veroudering.
Verweerder baseerde de vaststelling op een taxatierapport van 7 juli 2016, waarin de waarde van de garage werd bepaald op basis van de gecorrigeerde vervangingswaarde en de vergelijkingsmethode. De rechtbank weegt dat de taxatiewijzer VNG en de gebruikte kengetallen passend zijn en acht de afschrijving en correcties voor veroudering reëel.
De rechtbank stelt vast dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de bedrijfswaarde significant lager is dan de vastgestelde waarde. De ingediende bedrijfswaardeberekeningen zijn summier, niet inzichtelijk en wijken af van eerdere gegevens. De rechtbank concludeert dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van de parkeergarage wordt ongegrond verklaard.