ECLI:NL:RBDHA:2017:8108
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanslag schenkbelasting na inkeerregeling en vaststellingsovereenkomst
Eiseres beschikte over een tegoed bij een buitenlandse bank dat niet bij de fiscus bekend was. Zij maakte gebruik van de inkeerregeling van artikel 67n Awr en sloot een vaststellingsovereenkomst (vso) met de Belastingdienst over de inkomstenbelasting over de jaren 2001 tot en met 2012. Later bleek dat het tegoed voortkwam uit een schenking van haar ouders in 1991, waarop de inspecteur een aanslag schenkbelasting oplegde.
Eiseres voerde aan dat de aanslag niet terecht was omdat artikel 66 SW Pro geen toepassing vindt zolang schenker en begunstigde in leven zijn, dat de aanslag in strijd zou zijn met de vso, het gelijkheidsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en het EVRM. De rechtbank oordeelde dat de aanslag binnen de wettelijke termijnen was opgelegd, dat de vso alleen betrekking had op inkomstenbelasting en niet op schenkbelasting, en dat het onderscheid tussen natuurlijke personen en rechtspersonen in de verjaringstermijn gerechtvaardigd is.
Ook het beroep op het rechtszekerheidsbeginsel en het EVRM faalde, omdat de wettelijke basis voor de aanslag duidelijk is en de regeling het beoogde doel van het veiligstellen van belastingheffing dient. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de aanslag schenkbelasting.