ECLI:NL:RBDHA:2017:8899
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek uitstel vertrek op grond van medische situatie en veilige behandelomgeving Armenië
Eiser, een Armeense staatsburger met PTSS en psychose, verzocht om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder wees dit verzoek af op basis van een BMA-advies waarin werd geconcludeerd dat eiser onder voorwaarden kan reizen en dat in Armenië adequate behandelmogelijkheden aanwezig zijn.
Eiser betoogde dat het BMA-advies ondeugdelijk was, onvoldoende onderzoek bevatte, en dat Armenië geen veilige behandelomgeving is vanwege zijn medische en asielrechtelijke verleden. Tevens stelde hij dat verweerder onvoldoende een individuele belangenafweging had gemaakt en dat uitzetting zou leiden tot een schending van artikel 3 EVRM Pro, verwijzend naar het arrest Paposhvili.
De rechtbank oordeelde dat het BMA-advies zorgvuldig en inzichtelijk was en dat eiser de mogelijkheid had gehad om dit te betwisten, maar geen contra-expertise had overgelegd. De stelling dat Armenië geen veilige behandelomgeving is, werd verworpen op basis van jurisprudentie en het ontbreken van concrete medische stukken. Ook het beroep op het arrest Paposhvili faalde omdat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij in Armenië geen toegang zou hebben tot noodzakelijke zorg.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het uitstel van vertrek had geweigerd en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens werd eiser vrijgesteld van griffierecht wegens betalingsonmacht.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van uitstel van vertrek wordt ongegrond verklaard.