ECLI:NL:RBDHA:2017:9252
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod op ontbinding stichting na omzetting naar naamloze vennootschap
De Ondernemingsraad van de Nationale Stichting tot Exploitatie van Casinospelen in Nederland (OR I) vorderde in kort geding een verbod op de ontbinding van de stichting na haar omzetting in een naamloze vennootschap (Holland Casino N.V.). De stichting had het gehele vermogen afgesplitst naar de NV en wilde vervolgens ontbinden, waarbij de Staat de aandelen zou verkrijgen.
De rechtbank oordeelde dat OR I niet-ontvankelijk was omdat de onderneming was overgegaan naar de NV en OR I als ondernemingsraad niet meer bestond. De Ondernemingsraad van Holland Casino N.V. (OR II), die was toegelaten als tussenkomende partij, vorderde hetzelfde verbod. De rechtbank wees deze vorderingen af omdat de wettelijke opschortingsperiode was verstreken en het cassatieberoep geen schorsende werking heeft.
Verder oordeelde de rechtbank dat geen sprake was van misbruik van bevoegdheid door de stichting en de Staat. De ontbinding van de stichting leidt niet tot onomkeerbare gevolgen die het recht op beoordeling door de Hoge Raad onmogelijk maken. De proceskosten werden verdeeld conform de ontvankelijkheidsbeslissing en de uitkomst van de vorderingen.
Uitkomst: De vorderingen tot verbod op ontbinding van de stichting worden afgewezen en OR I wordt niet-ontvankelijk verklaard.