Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiseres], eiseres, V-nummer [V-nummer]
de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
24 augustus 2017.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster, houder van de Marokkaanse nationaliteit en een Spaanse verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd, vroeg een reguliere Nederlandse verblijfvergunning aan als langdurig ingezetene derdelander. Verweerder wees dit af wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv), waarop verzoekster bezwaar maakte. De voorzieningenrechter behandelde zowel het beroep als het verzoek om voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter stelde vast dat verzoekster niet vrijgesteld is van het mvv-vereiste omdat haar Spaanse verblijfsvergunning geen aantekening EU of UE bevat. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en op artikel 8 EVRM Pro werd verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. Ook de hardheidsclausule werd niet toegepast omdat geen uitzonderlijke omstandigheden waren aangetoond.
De rechtbank concludeerde dat het standpunt van verweerder goed gemotiveerd was en dat nader onderzoek niet zou bijdragen aan de beoordeling. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van verzoekster wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.