ECLI:NL:RBDHA:2018:10047
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Afghaanse jongere wegens ongeloofwaardig relaas en geen artikel 15c-situatie
Eiser, een Afghaanse jongeman, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege bedreigingen door de Taliban naar aanleiding van een geheime relatie met een meisje. Hij stelde ook dat hij was benaderd voor rekrutering door de Taliban. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat het relaas over de relatie en de dreiging niet geloofwaardig werd geacht en er geen sprake was van een uitzonderlijke situatie in de provincie Laghman.
De rechtbank bevestigde dat de verklaringen van eiser over de relatie en de problemen daardoor onvoldoende concreet en consistent waren. Ook vond de rechtbank de ontsnapping aan de Taliban ongeloofwaardig. De brief van de Taliban die eiser overlegde, werd niet als bewijs erkend vanwege discrepanties met zijn verhaal.
Verder oordeelde de rechtbank dat er geen sprake is van een artikel 15c-situatie in Afghanistan, ondanks de ernstige veiligheidssituatie, omdat deze niet significant verslechterd is. De minderjarigheid van eiser bij binnenkomst werd niet als doorslaggevend beschouwd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en een verblijfsvergunning werd geweigerd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor een verblijfsvergunning wordt afgewezen.