ECLI:NL:RBDHA:2018:10337
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek op grond van niet-geloofd homoseksualiteit ondanks nieuwe werkinstructie
Eiser, een Iraakse nationaliteit, heeft herhaaldelijk asiel aangevraagd in Nederland met als grondslag zijn homoseksualiteit en relatie met een partner in Nederland. Zijn eerdere aanvragen werden afgewezen omdat zijn homoseksualiteit niet geloofwaardig werd geacht. Na een nieuwe aanvraag op 17 juli 2018 heeft verweerder deze afgewezen als kennelijk ongegrond.
Eiser stelde dat de nieuwe werkinstructie WI 2018/9 toegepast moest worden en dat zijn asielverzoek volledig opnieuw beoordeeld moest worden. Verweerder stelde dat de nieuwe werkinstructie geen wezenlijke beleidswijziging is maar een aanscherping, waarbij alleen nieuwe feiten worden beoordeeld. De rechtbank oordeelde dat dit standpunt juist is en dat eiser voldoende gelegenheid heeft gehad om nieuwe feiten naar voren te brengen, wat hij niet heeft gedaan.
Verweerder achtte de homoseksualiteit van eiser nog steeds niet geloofwaardig vanwege tegenstrijdigheden in verklaringen en onvoldoende specifieke onderbouwing van bedreigingen en bekendheid van zijn geaardheid in Irak. Ook foto’s op Facebook werden als onvoldoende bewijs gezien. Eiser heeft geen inhoudelijke gronden tegen deze beoordeling aangevoerd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wegens niet-geloofde homoseksualiteit wordt ongegrond verklaard.