ECLI:NL:RBDHA:2018:12815
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom
Eiser heeft op 16 augustus 2018 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag, die op 31 januari 2018 was ingediend. Verweerder, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft erkend dat het beroep terecht is en dat eiser recht heeft op een dwangsom vanaf 16 augustus 2018. De rechtbank stelt vast dat de maximale dwangsom van €1.260 is verbeurd, omdat meer dan 42 dagen zijn verstreken zonder besluit.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op voor elke dag dat verweerder de beslistermijn van twee weken na verzending van deze uitspraak overschrijdt, met een maximum van €15.000. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €250,50. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit te nemen.
De uitspraak is gedaan door rechter J.F.I. Sinack en griffier S.A.K. Kurvink. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld bij dezelfde rechtbank.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, een dwangsom van €1.260 vastgesteld en verweerder opgedragen binnen twee weken een besluit te nemen onder dreiging van een aanvullende dwangsom.