ECLI:NL:RBDHA:2018:13026
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag biseksuele Gambische man wegens toepassing artikel 1F Vluchtelingenverdrag
Eiser, een man met de Gambiaanse nationaliteit, diende een opvolgende asielaanvraag in met het argument dat hij vanwege zijn biseksualiteit bij terugkeer naar Gambia een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro. Eerder was zijn asielaanvraag afgewezen wegens toepassing van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag en was hem een tienjarig inreisverbod opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat het ingediende 'wanted affiche' geen nieuw bewijs was en bovendien vermoedelijk vals, waardoor het geen aanleiding gaf tot herziening van het eerdere besluit. De rechtbank vond de verklaringen van eiser over zijn biseksualiteit tegenstrijdig en ongeloofwaardig, en oordeelde dat verweerder terecht artikel 1F had toegepast.
Ook het beroep op artikel 8 EVRM Pro en de artikelen 20 en 21 VWEU, gericht op het opheffen van het inreisverbod vanwege familiebanden in Nederland en Duitsland, werd verworpen. De situatie van eiser verschilde wezenlijk van eerdere jurisprudentie, en het belang van het algemene belang bij zijn vertrek woog zwaarder dan zijn gezinsbelangen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om opheffing van het inreisverbod af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag niet-ontvankelijk verklaard wegens toepassing van artikel 1F Vluchtelingenverdrag; het inreisverbod blijft gehandhaafd.