ECLI:NL:RBDHA:2018:1349
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Handhaving om horeca ondergeschikt aan winkelfunctie te houden en terras te verwijderen
Eiseres ontving een omgevingsvergunning voor een galerie en winkel met ondergeschikte horeca. Na constatering van een niet-vergund terras voor het pand, legde het college handhavingsmaatregelen op om de horeca ondergeschikt te houden en het terras te verwijderen. Eiseres stelde dat het college haar niet correct had gehoord, dat de vergunning geen beperkingen bevatte over de omvang van de horeca, en dat het houden van een terras niet verboden was.
De rechtbank oordeelde dat de tekening bij de vergunning duidelijk de omvang van de toegestane horeca-activiteiten vastlegt en dat het terras niet als uitstalling van de winkel mag worden beschouwd. Het college was bevoegd om handhavend op te treden op grond van de APV en de Wabo. De rechtbank verwierp het beroep van eiseres, onder meer omdat het gelijkheidsbeginsel niet van toepassing was en er geen bijzondere omstandigheden waren om van handhaving af te zien.
Het verzoek om schadevergoeding en proceskosten werd eveneens afgewezen. De uitspraak bevestigt dat horeca binnen een winkel ondergeschikt moet blijven en dat een niet-vergund terras verwijderd moet worden, waarbij het bestuursorgaan bevoegd is tot handhaving.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.