ECLI:NL:RBDHA:2018:14317
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsdocument wegens schijnhuwelijk tussen Turkse en Hongaarse echtgenoten
Eiser, een Turkse nationaliteit dragende man, verzocht op 6 september 2017 om een verblijfsdocument EU/EER voor verblijf bij zijn Hongaarse echtgenote. Verweerder wees de aanvraag af wegens vermoedens van een schijnhuwelijk, gebaseerd op meerdere ervarings- en individuele indicatoren, waaronder tegenstrijdige verklaringen en verschillen in culturele achtergrond.
Eiser voerde aan dat hij rechtmatig verbleef en dat het leeftijdsverschil en culturele verschillen niet als afwijzingsgrond mogen gelden. Hij benadrukte dat het huwelijk uit liefde was aangegaan en ondersteunde dit met verklaringen van derden. Verweerder handhaafde het standpunt dat er voldoende aanwijzingen waren voor een schijnhuwelijk en dat het onderzoek gerechtvaardigd was.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht meerdere indicatoren had aangevoerd, zoals het postcodegebied, het samenwonen met landgenoten en familieleden, tegenstrijdigheden in verklaringen en het ontbreken van een gemeenschappelijke taal. Ook de verklaringen van derden werden als onvoldoende objectief beoordeeld. Het beroep werd ongegrond verklaard en de afwijzing van het verblijfsdocument bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsdocument wegens een schijnhuwelijk is ongegrond verklaard.