ECLI:NL:RBDHA:2018:14439
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring opvolgende asielaanvraag wegens onvoldoende bewijs identiteit en nationaliteit
Eiser heeft een opvolgende asielaanvraag ingediend, waarbij hij zijn identiteit en nationaliteit niet aannemelijk kon maken met originele documenten. Verweerder verklaarde de aanvraag niet-ontvankelijk op grond van artikel 30a van de Vreemdelingenwet 2000, omdat de overgelegde stukken geen nieuwe feiten bevatten.
Eiser overhandigde kopieën van documenten, waaronder een geboorteakte zonder foto en een identiteitsverklaring met pasfoto en vingerafdruk van een ander persoon. De rechtbank oordeelde dat deze documenten niet als bewijs konden dienen. Eiser verzocht om aanhouding en heropening van de procedure, maar dit werd afgewezen.
De rechtbank bevestigde dat eiser zijn identiteit en nationaliteit niet aannemelijk heeft gemaakt, waardoor het asielrelaas niet inhoudelijk kon worden beoordeeld. Het beroep is ongegrond verklaard en het inreisverbod is buiten beschouwing gelaten wegens het ontbreken van zelfstandige beroepsgronden.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de opvolgende asielaanvraag is ongegrond verklaard.