ECLI:NL:RBDHA:2018:15483
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- G. van Zeben-de Vries
- J.L.E. Bakels
- A.E. Dutrieux
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep na faillissement eiseres in subsidiezaken
Eiseres had beroep ingesteld tegen een besluit van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap waarin een subsidie werd teruggevorderd. Na instelling van het beroep is eiseres in staat van faillissement verklaard en is een curator benoemd. De rechtbank nodigde zowel eiseres als de curator uit om een standpunt in te nemen over het procesbelang. De gemachtigde van eiseres trok zich terug en de curator gaf aan eerst door verweerder te moeten worden opgeroepen alvorens het beroep over te nemen.
De rechtbank oordeelde dat de curator op grond van artikel 27, derde lid, van de Faillissementswet ook zonder oproeping bevoegd is het beroep over te nemen. Omdat de curator het beroep niet heeft overgenomen en het beroep de failliete boedel raakt, is eiseres niet gerechtigd het beroep voort te zetten. Verweerder verzocht om ontslag van instantie, wat door de rechtbank werd toegewezen.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de curator het beroep niet heeft overgenomen na faillissement.