ECLI:NL:RBDHA:2018:15526
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf nareis Eritrese pleegkinderen en echtgenote wegens niet aannemelijke identiteit
Eisers, Eritrese vreemdelingen, hebben verzoeken ingediend voor machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis van pleegkinderen en echtgenote van een referent met verblijfsvergunning asiel. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees de aanvragen af wegens onvoldoende aannemelijkheid van identiteit en gezinsband.
De rechtbank oordeelt dat eisers geen geldige documenten konden overleggen en dat de verklaring over het verlies van documenten door brand onvoldoende concreet was om bewijsnood aan te nemen. De nieuwe gedragslijn van de Staatssecretaris, die ook ander bewijs dan officiële documenten betrekt, werd toegepast, maar leverde geen voldoende bewijs op.
Daarmee kon de identiteit van eisers niet worden vastgesteld, en ook de gezinsband met de referent niet worden bevestigd. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de afwijzing van de machtigingen tot voorlopig verblijf.
Uitkomst: De beroepen tegen de weigering van machtiging voorlopig verblijf nareis zijn ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van identiteit en gezinsband.