ECLI:NL:RBDHA:2018:2327
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.L. van der Waals
- T. Sleeswijk Visser - Boer
- J.M. Ghrib
- Rechtspraak.nl
Intrekking verblijfsvergunning en oplegging inreisverbod wegens ernstige strafbare feiten en gevaar voor openbare orde
Eiser, geboren in Nederland en houder van de Marokkaanse nationaliteit, verblijft sinds zijn geboorte vrijwel onafgebroken rechtmatig in Nederland. Zijn verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd werd ingetrokken vanwege meerdere veroordelingen voor ernstige misdrijven met een totale onvoorwaardelijke straf van ruim 48 maanden. Tevens werd een zwaar inreisverbod van tien jaar opgelegd vanwege een actueel en daadwerkelijk gevaar voor de openbare orde.
Eiser voerde aan dat de intrekking onterecht was, onder meer omdat hij geen delict had gepleegd dat rechtvaardigt dat artikel 3.86 van het Vreemdelingenbesluit 2000 op hem van toepassing is, en dat het besluit in strijd was met artikel 8 EVRM Pro gezien zijn langdurige verblijf en familiebanden in Nederland. De rechtbank oordeelde dat het verblijfsgat en de toepassing van de glijdende schaal terecht waren vastgesteld en dat verweerder voldoende had gemotiveerd dat eiser een actueel gevaar voor de openbare orde vormt, mede gelet op recente recidive en ernstige strafbare feiten.
De belangenafweging onder artikel 8 EVRM Pro leidde tot de conclusie dat het algemeen belang bij een restrictief toelatingsbeleid zwaarder weegt dan de persoonlijke belangen van eiser, mede doordat hij onvoldoende blijk gaf van gedragsverandering en de banden met Nederland door zijn criminele gedragingen zijn overschaduwd. Het beroep tegen het inreisverbod werd ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen de intrekking van de verblijfsvergunning en afwijzing van de langdurig ingezetenenstatus niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod wordt ongegrond verklaard en het beroep tegen de intrekking van de verblijfsvergunning en afwijzing langdurig ingezetenschap niet-ontvankelijk.