ECLI:NL:RBDHA:2018:2957
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardig relaas en veilig land van herkomst
Eiser, een Algerijnse nationaliteit bezittende asielzoeker, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 9 februari 2018 waarin zijn asielaanvraag als kennelijk ongegrond werd afgewezen. De rechtbank oordeelde dat eiser zijn relaas niet geloofwaardig had onderbouwd en dat hij verweerder had misleid over zijn identiteit.
De rechtbank nam mee dat eiser eerder in Spanje en Frankrijk geen internationale bescherming had gevraagd en dat hij Algerije had verlaten vanwege werkloosheid en gebrek aan toekomstperspectief. Ook ontbraken bewijsstukken zoals aangifte van mishandeling en medische documenten, terwijl eiser geen geloofwaardige verklaring gaf voor het ontbreken hiervan.
Daarnaast werden de verklaringen over problemen met een criminele bende als ongeloofwaardig beoordeeld, mede vanwege tegenstrijdigheden en het feit dat eiser ondanks bedreigingen bleef werken op de plek waar hij werd benaderd. De rechtbank stelde vast dat Algerije een veilig land van herkomst is en dat eiser geen individuele omstandigheden had aangevoerd die een afwijking rechtvaardigen.
Gelet op deze overwegingen concludeerde de rechtbank dat het asielrelaas niet geloofwaardig was en dat de aanvraag terecht was afgewezen als kennelijk ongegrond. Ook het opleggen van een inreisverbod werd als rechtmatig beoordeeld. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de Algerijnse asielzoeker wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardig relaas en de status van Algerije als veilig land van herkomst.