ECLI:NL:RBDHA:2018:4837
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongewenstverklaring en beëindiging verblijfsrecht wegens actuele bedreiging samenleving
Eiser, een Poolse onderdaan, is door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid ongewenst verklaard en zijn verblijfsrecht beëindigd vanwege zijn strafrechtelijke veroordelingen en gedragsproblemen. De ISD-maatregel en eerdere gevangenisstraffen, gecombineerd met antisociaal gedrag onder invloed van alcohol, vormen de grondslag voor deze besluiten.
Eiser voerde aan dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar een positieve gedragsverandering, onder meer door het niet opvragen van recente behandelrapportages. Ook stelde hij dat zijn persoonlijke omstandigheden onvoldoende waren meegewogen en dat het besluit in strijd was met het EVRM en de Verblijfsrichtlijn.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende gemotiveerd heeft dat eiser een actuele, werkelijke en ernstige bedreiging vormt. De positieve gedragsverandering is niet aannemelijk gemaakt, mede omdat de gedragsverbetering alleen in detentie lijkt te bestaan. De belangenafweging is zorgvuldig gemaakt en het beroep tegen de ongewenstverklaring wordt ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen de beëindiging van het verblijfsrecht niet-ontvankelijk is.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongewenstverklaring wordt ongegrond verklaard en het beroep tegen de beëindiging van het verblijfsrecht niet-ontvankelijk.