Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 april 2018 in de zaak tussen
[eiseres], eiseres,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
ProcesverloopEiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 11 augustus 2017 (het bestreden besluit).
Overwegingen
De rechtbank oordeelt als volgt.
In beroep heeft eiseres het besluit van de Zweedse autoriteiten overgelegd waarbij aan haar dochter een asielvergunning is verleend. Uit dit besluit leidt de rechtbank af dat het relaas van de dochter ziet op problemen die zij heeft ondervonden van de zijde van de familie van haar overleden echtgenoot. De Zweedse autoriteiten hebben aannemelijk geacht dat zij het risico loopt te worden vervolgd door deze familie. Naar het oordeel van de rechtbank kan dit besluit niet dienen als onderbouwing van het asielrelaas van eiseres, nu zij stelt problemen te hebben ondervonden van de zijde van haar eigen familie. Niet is gebleken dat dit verband houdt met de problemen waarover haar dochter heeft verklaard. Verder heeft eiseres in beroep facebookberichten overgelegd en gesteld dat dit berichten zijn tussen de ex-vriend van de dochter van eiseres en de broers van eiseres. De rechtbank stelt echter vast dat uit deze berichten niet valt op te maken wie de verzenders en ontvangers daarvan zijn, zodat ook deze berichten het asielrelaas van eiseres niet kunnen onderbouwen. De slotsom is dat verweerder zich niet ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de gestelde familieproblemen van eiseres niet geloofwaardig zijn.