Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
SGR 17/4349
uitspraak van de meervoudige kamer van 15 mei 2018 in de zaken tussen
[eiser], wonende te [woonplaats], eiser
Procesverloop
Overwegingen
27 januari 2017 heeft verweerder de onderhavige navorderingsaanslagen aan eiser opgelegd. Daarbij heeft verweerder de volgende vergrijpboetes opgelegd:
Geschil8. In geschil is of ter zake van de UBS-rekening sprake is van vrijwillige inkeer als bedoeld in artikel 67n van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR), en zo ja, of de daarop betrekking hebbende vergrijpboetes over de jaren 2004 tot en met 2007, welke zien op vóór 1 januari 2010 begane beboetbare feiten, op grond van het legaliteitsbeginsel dienen te worden vernietigd. Voorts is in geschil of de op de KBC-rekeningen betrekking hebbende vergrijpboetes over de jaren 2004 tot en met 2007, welke zien op vóór 1 januari 2010 begane beboetbare feiten, op grond van het legaliteitsbeginsel dienen te worden vernietigd.
Kamerstukken II2008/09, 31 301, nr. 34, p. 2):