ECLI:NL:RBDHA:2018:6019
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Duitsland
Eiser heeft op 8 februari 2018 een asielaanvraag ingediend in Nederland. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag op 18 april 2018 niet in behandeling genomen, omdat Duitsland volgens het Dublin-verdrag verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld.
Eiser voerde aan dat Duitsland systematische tekortkomingen kent in de asielprocedure en opvangvoorzieningen, en dat zijn medische situatie in Duitsland onvoldoende werd behandeld. Hij vreesde terugkeer naar Eritrea en stelde dat de Nederlandse overheid onvoldoende onderzoek had gedaan naar de situatie in Duitsland.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er sprake is van ernstige systeemfouten in Duitsland die een inhoudelijke behandeling in Nederland rechtvaardigen. Duitsland heeft ingestemd met de terugname van eiser en wordt geacht de Europese asielrichtlijnen na te leven. Ook is niet gebleken dat Nederland het aangewezen land is voor de medische behandeling van eiser.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.